Featured Review
Search

Kamerperspectief


‘Je mag je lippen best laten rusten, als je niet gedwongen wordt te praten.’

De kamer draait en ik zit stil op mijn stoel. Mijn stoel draait, de kamer en ik bewegen ons niet. Ik lieg, ik beweeg. Ik wou het je niet vertellen, waarom zou ik? Maar ik moet wel, ik moet wel praten. Van niemand.

De tv blèrt teksten uit die niet interessant zijn. Want waarom zouden ze? Waarom zou ook iets? Er klinkt gestommel boven en onder mij. Mensen lopen trappen op en af. Stilte drukt soms als een kussen op je gezicht. Ontneemt je alle adem. Blijft stillen liggen totdat je stikt. Ik verlang vaak naar dekens van stilte. Maar nergens is stilte te vinden. Nergens is echte stilte te vinden.

Ik lig op de grond en niets draait meer. De tv staat nog steeds aan, omdat hij geen ander nut heeft dan aanstaan en mensen vermaken. Hij vermaakt mij. Want ik kan er naar kijken zonder te zien. Vandaag niet. Vandaag lig ik op de grond en doe ik net alsof ik niets hoor. Een kamer in een gebouw in Overvecht in een grote stad. En niets draait meer, want dat zou geen nut hebben. Het nut van draaien is niets. Draaien is van punt A naar punt A gaan. Mensen bewegen normaliter van punt A naar punt B, om door te trekken naar punt C. Ik ben nog nooit het alfabet afgegaan. Het verste dat ik durfde te gaan was de C. Daarna vluchtte ik snel terug naar A, om weer uren lang te blijven reizen naar A.

‘Je ligt stil.’ ‘Waarom?’ ‘Je beweegt je niet en je ligt alleen maar en je…’ ‘Shh.’

De tv vertelt me iets wat ik altijd wilde weten. Vandaag is de dag om het te horen.

‘Beste Leeuw, je bent iets kwijt en je dreigt het zoeken inmiddels op te geven. Je ervaart het als onbegrijpelijk dat je zoiets zou kunnen kwijt raken. Het heeft gelukkig geen enkele emotionele waarde, maar je vindt het niet anders dan lastig dat het ineens verdwenen is. Je zou later in de week nog in een identiteitscrisis kunnen belanden, waarin je jezelf afvraagt wat je aan het doen bent.’

Langer luister ik niet. Ze vertelt me niets. Niets is genoeg, vaak. Maar nu wil ik iets horen. Ik wil horen dat ik een puppy zou krijgen.

Maar ik vertel je niets. Ik zal blijven zwijgen omdat sommige woorden onder een dik pak sneeuw liggen. Onder de sneeuw liggen weer bladeren van de herfst en daaronder liggen mijn woorden. Mag ik jouw sneeuwschep lenen? Misschien dat ik dan wat woorden kan vinden.

Ik mag hem niet lenen. Nee, jij wil niet dat ik praat. Ik mag alleen nog zwijgen.

Mijn woorden zullen sterven met mij.

‘Waarom lig je hier?’ ‘Nietes.’

Ik ben nooit met een ander samen geweest. Ik lig al eeuwen alleen in deze kamer.

Mijn woorden, zij sterven bij mijn ademhaling.

De radio zingt.

‘De waarheid is een raadsel En dat gaat als volgt Het is een goeie vriend maar altijd te laat

Tag Cloud

© 2023 by The Book Lover. Proudly created with Wix.com

  • Facebook B&W
  • Twitter B&W
  • Google+ B&W